Mariejan van Oort (1955)
Ik kreeg mijn eerste zanglessen in het jeugdkerkkoor. Op 29-jarige leeftijd besloot ik zangles te nemen. Een stap, die mijn verdere leven zou bepalen. Voor mijn ontwikkeling als zanglerares en stemdocente heb ik veel te danken aan Anneg Konings-Brokstra, Eugenie Ditewig, Jean-René Toussaint, en Dien Latour-Uijterschout. Zij inspireerden mij om te zingen vanuit een diepere bron in mijzelf.
Beslissingen, die mijn levenspad bepalen, neem ik vaak op 'kleine momenten'. Zo leek het me leuk om Jiddische liederen te zingen.
Dat eenvoudige besluit is uitgemond in 3 CDs met Jiddische liederen. Door me te verdiepen in deze liederen en ze steeds opnieuw te zingen, kom ik heel organisch in contact met de rijkdom van de Jiddische cultuur. Het is heerlijk om ze te zingen, omdat ik er zo veel van mijn 'menszijn' in kwijt kan. Dat komt door de melodieën zelf, maar ook door wat er wordt uitgezongen: vreugde, pijn, eenzaamheid, humor, strijd, ontroering. En doordat alles heen een diep verlangen naar geluk, liefde en vrijheid, het verlangen naar een betere wereld.
Tijdens onze zoektocht naar liederen kwamen we al gauw terecht bij de Pools-Joodse volksdichter Mordekhay Gebirtig. Zijn hele werk ademt een diep weten, dat ieder levend wezen kostbaar is, en dat ieder mens groot is in zijn eigen kleine wereld.
Zijn liefdevolle blik geeft een glans aan het alledaagse leven. Hij had de gave om in eenvoudige woorden te benoemen, wat nauwelijks te benoemen is.
Gebirtig heeft vanaf het eerste moment ons hart gestolen. Zowel op 'Brikele' als op 'Benkshaft' zijn liederen van hem te vinden. En 'Mayn fayfele' is helemaal aan hem gewijd.